Condens onder het dak, wordt vaak geassocieerd met een daklekkage. Op zich niet vreemd, de gevolgen lijken ook op elkaar. De oorzaak is een hele andere.
Op het punt waar warme en koude lucht elkaar raken ontstaat condensatie. Dit punt noemen we dauwpunt. Om precies te zijn is het dauwpunt het punt waar warme lucht zover afkoelt dat deze lucht verzadigd raakt met vocht. Het dauwpunt kan variëren, in de zomer ligt het dauwpunt anders dan in de winter.
Om condens te voorkomen is het verstandig om een bouwfysische berekening te laten maken door ons. Deze berekening laat zien met welke dakopbouw je de kans op condens zo klein mogelijk maakt. Een geïsoleerd dakbedekkingssysteem bouwt vocht op. Het vocht wat in de koude maanden wordt opgebouwd mag nooit meer zijn dan er in de zomermaanden kan verdampen.
Bij een dak waarbij de isolatie aan de binnenzijde (onder het dakbeschot) is aangebracht, zien we ook veel problemen. De eerste jaren gaat het vaak nog wel goed, maar dan. Je komt dan op het punt dat de isolatie verzadigd is met vocht en het begint te lekken. Bij een dergelijk dak is het van groot belang dat er voldoende geventileerd wordt en de vochtopbouw kan verdampen. Gezien de kwetsbaarheid van deze constructie wordt deze dan ook sterk afgeraden.